Veilig zakendoen

Dit moet je weten over bedrijfsveiligheid

Het aantal arbeidsongevallen neemt jaarlijks toe. Als werkgever ben je verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkomgeving, maar wanneer voldoe je daaraan? Controleer de bedrijfsveiligheid van jouw onderneming met dit overzicht.

Het aantal arbeidsongevallen steeg in 2019 met 2,4%, van 4.368 in 2018 naar 4.474 in 2019. Dit blijkt uit onderzoek van het ministerie van Sociale zaken en Werkgelegenheid (SZW). Zijn er op jouw werkvloer voldoende bedrijfshulpverleners? En is de brandveiligheid en inbraakbeveiliging in je pand op orde? Ga aan de slag met de veiligheid binnen je onderneming. Dit overzicht, gericht op mkb-bedrijven met personeel, helpt je hierbij.

Veilig werken

Arbobeleid

Noteer in een arbobeleid alle maatregelen die je neemt om je personeel veilig en gezond te laten werken. Voor werkgevers is een arbobeleid wettelijk verplicht. Naar aanleiding van klachten en ongevallen controleert de Inspectie SZW of werkgevers zich aan de Arbo regelgeving houden. Bij overtreding van de Arboregels kan de Inspectie SZW straffen opleggen, zoals boetes en stillegging van het bedrijf. Zo stel je een arbobeleid op:

1. Inventariseer de risico's

Een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) vormt de basis van je arbobeleid. Het doel van de RI&E is om gezondheidsklachten en ongevallen te voorkomen. In de RI&E breng je alle arbeidsrisico’s binnen je onderneming in kaart. Dat kan van alles zijn: denk aan werken met machines of gevaarlijke stoffen, beeldschermwerk, agressie op de werkvloer en werkdruk. Een RI&E is verplicht als je personeel in dienst hebt.

2. Maak een plan van aanpak

Vervolgens maak je een plan van aanpak voor het beheersen van deze risico’s. Je beschrijft hier welke maatregelen je neemt om de geïnventariseerde arbeidsrisico’s aan te pakken. Bijvoorbeeld een andere inrichting van de werkplekken die voldoet aan de gezondheids- en veiligheidseisen. De inventarisatie en het plan van aanpak laat je daarna toetsen door een arbodeskundige. Deze toetsing is alleen verplicht als je meer dan 25 werknemers in dienst hebt.

3. Beheers de risico's

Tot slot voer je je plan van aanpak uit. In het plan staat wie wat doet en binnen welke termijn. Bekijk regelmatig, minimaal 1 keer per jaar, je plan van aanpak en beoordeel de voortgang. Zijn de afspraken nagekomen? Zijn er nieuwe situaties ontstaan die je moet verwerken in het plan van aanpak? Kijk bijvoorbeeld naar de oorzaken van eventuele ongevallen of verzuim. Ook bij nieuwe bedrijfsinvesteringen of wijziging van werkprocessen is het belangrijk het plan van aanpak bij te werken. Dit leidt tot minder ziekteverzuim en bevordert ook het werkplezier en de productiviteit van je werknemers.

Bedrijfshulpverlening

Je bent verplicht om bedrijfshulpverlening (BHV) in je bedrijf te regelen. Een bedrijfshulpverlener, kortweg bhv’er, is opgeleid om in geval van nood je personeel en klanten in veiligheid te brengen. Zo weet een bhv’er hoe hij mensen uit een brandend gebouw krijgt en hoe hij bij een ongeval eerste hulp verleent. Een bhv’er kan bijvoorbeeld mensen reanimeren en verbanden aanleggen.

Er is geen wettelijk verplicht aantal bhv’ers dat je moet hebben. Hoeveel bhv’ers je nodig hebt, is afhankelijk van verschillende factoren:

  • de risico’s in je bedrijf die tot noodsituaties kunnen leiden
  • de grootte van je bedrijf
  • het aantal werknemers en bezoekers
  • het aantal aanwezige niet-zelfredzame personen
  • de beschikbaarheid en opkomsttijd van professionele hulpverleners zoals brandweer en ambulance
  • eventuele externe risico’s van bijvoorbeeld bedrijven in de omgeving
  • de aanwezigheid van bhv’ers en hun afwezigheid in verband met verlof, verzuim, ploegendienst, roosters en werkzaamheden buiten het bedrijf
  • de wijze waarop bhv-taken zoals ontruiming, brandbestrijding en eerste hulp zijn verdeeld

In de Handreiking Bedrijfshulpverlening staat hoe je het aantal bhv’ers in je bedrijf berekent. Zorg dat er altijd genoeg bhv'ers in je bedrijf aanwezig zijn.

Bedrijfsnoodplan

Maak een bedrijfsnoodplan. Dat is een handboek waarin staat wat je moet doen in een situatie die gevaar oplevert voor je bedrijf, je personeel, het milieu of de omgeving. Zo’n noodsituatie kan bijvoorbeeld een brand zijn, een bedrijfsongeval of een lekkage van gevaarlijke stoffen. Een noodsituatie kan zomaar optreden, ook als je de nodige voorzorgsmaatregelen hebt getroffen. De onderdelen die zoal worden beschreven in het bedrijfsnoodplan zijn:

  • bedrijfshulpverlening
  • brandpreventie
  • bedrijfsplattegronden
  • personeel
  • aanwezige technische voorzieningen, zoals liften en luchtbehandelingssystemen

Een bedrijfsnoodplan is niet hetzelfde als een bedrijfscontinuïteitsplan. In een bedrijfscontinuïteitsplan gaat het niet om de noodsituatie zelf, maar om hoe je reageert op de gevolgen van de noodsituatie. Bijvoorbeeld hoe je verder gaat als je een deel van je personeel mist, geen toegang tot je bedrijfsgebouw hebt of je ICT uitvalt.

EHBO

Elke werkgever is volgens de Arbowet verplicht om te zorgen voor een EHBO-koffer. Deze koffer moet goed zichtbaar en binnen handbereik zijn. Per afdeling of werkvloer moet een EHBO-koffer aanwezig zijn. De vuistregel is 1 koffer per 50 medewerkers. Controleer regelmatig de inhoud van de koffer en vul deze aan.

Evacuatie

Evacuatie- of ontruimingsplan

Met een evacuatie- of ontruimingsplan zorg je dat mensen veilig uit het gebouw komen in geval van nood. Je noteert in een ontruimingsplan afspraken over hoe je handelt bij een ramp zoals een brand. Denk bijvoorbeeld aan duidelijke instructies voor je personeel, de vluchtroutes en de taakverdeling van de BHV.

Oefen de ontruiming van je pand minimaal 1 keer per jaar. Hierdoor zal in noodsituaties minder snel paniek uitbreken. Een ontruimingsplan is niet hetzelfde als een bedrijfsnoodplan. Een ontruimingsplan gaat namelijk alleen over de evacuatie en is onderdeel van je bedrijfsnoodplan.

Brandveiligheid

In je bedrijfspand moet je verplicht brandveiligheidsmaatregelen nemen. Hiervoor gelden landelijke regels. Die regels staan in het Bouwbesluit. Hier vind je onder andere voorschriften voor het voorkomen van brand door bijvoorbeeld een brandveilige inrichting. Ook staan er regels in voor de opslag van brandbare stoffen. In artikel 6.19 van het Bouwbesluit vind je informatie over het verplichte aantal rookmelders en brandblussers in je bedrijfspand. Dit aantal is onder meer afhankelijk van je bedrijfsactiviteiten en de grootte van je bedrijf.

Je bedrijfsgebouw moet altijd voldoen aan de regelgeving van het Bouwbesluit. In sommige gevallen heb je een omgevingsvergunning brandveilig gebruik nodig. Dit is nodig in situaties met een hoog risico, zoals bedrijfspanden waar veel mensen samenkomen. Bijvoorbeeld een horecapand of een kinderdagverblijf.

Vluchtroute

Een vluchtroute is een veilige route in een gebouw om tijdens noodsituaties het gebouw te verlaten. In het Bouwbesluit vind je de regels over het aantal vluchtroutes en waar deze aan moeten voldoen. Zo moeten vluchtroutes toegankelijk zijn en duidelijk worden aangegeven met vluchtwegaanduiding, zoals borden en verlichting. De deuren in vluchtroutes moet je snel en eenvoudig kunnen openen, dus bijvoorbeeld zonder sleutel.

Noodverlichting

Met noodverlichting voorkom je dat mensen de weg kwijtraken in je bedrijfspand in een noodsituatie. De verlichting wijst je naar een uitgang om in veiligheid te komen. Voor de aanleg van noodverlichting gelden verschillende regels, die onder meer afhankelijk zijn van het aantal medewerkers.

Inbraakbeveiliging

Geef inbrekers zo weinig mogelijk kans door extra beveiligingsmaatregelen. Denk aan beveiligingscamera’s, een alarmsysteem en goede buitenverlichting. Voorzie ramen en deuren van inbraakwerend hang- en sluitwerk en zorg voor goede beveiligingsverlichting met bewegingssensoren.

Maak met je werknemers goede afspraken over het openen en afsluiten van het bedrijfspand. Registreer welke medewerkers een sleutel hebben en leg dit vast in een sleutelcontract. Werk met gecertificeerde sleutels. Dit houdt in dat je voor het bijmaken van een sleutel een pasje of certificaat nodig hebt.

Verzekeringen

Controleer of je goed verzekerd bent. Sommige bedrijfsverzekeringen zijn verplicht, zoals een opstalverzekering als je eigenaar bent van een bedrijfspand. Met een opstalverzekering ben je verzekerd voor schade aan je bedrijfsgebouw. Bijvoorbeeld na brand, waterschade of vandalisme. Daarnaast zijn er niet-verplichte verzekeringen die je vrijwillig kunt afsluiten bij een verzekeringsmaatschappij. Bijvoorbeeld een bedrijfsschadeverzekering die je verzekert tegen omzetverlies als je onderneming stil komt te liggen na een brand of storm. Of een cyberverzekering waarmee je jouw bedrijf beschermt tegen schade door cyberincidenten.

Digitale veiligheid

Naast fysieke beveiliging moet je je bedrijf ook digitaal beschermen. Bedrijven zijn bijvoorbeeld kwetsbaar voor virussen, hacks, ransomware, phishing, datalekken en e-mailspoofing. Tips om je te beschermen tegen internetcriminelen vind je in ons artikel over cybersecurity.

Welke risico’s loop je als ondernemer en waar moet je op letten? Lees alles over hoe je veilig zakendoet.
Jan van der Beek

Als KVK-adviseur informeer ik ondernemers over (duurzame) bedrijfshuisvesting, fraudepreventie en wet- en regelgeving. Ik heb kennis van data-analyse en een brede belangstelling voor regionale economische ontwikkelingen.

InspiratiePage